VDH viert zomer

Geplaatst op 16 September 2017 om 15:14 uur door Giel

Ondanks de regen prima vermaakt ;-) 8-)
#zomer17 #rainfalldown #happy

Exclusief interview met Ruben Hoeke – 25 jaar on the road

Geplaatst op 5 September 2017 om 18:06 uur door Giel

Twitter facebook YouTube E-mail

Exclusief interview met: Ruben Hoeke
tekst: Giel van der Hoeven
foto’s: José Galloise © The Blues Alone?
locatie: Ribs & Blues Festival 2017 in Raalte
datum: zondag 4 juni 2017

Ruben Hoeke is een begenadigd gitarist en een bevlogen jongen die altijd bezig is om zichzelf en het bandgeluid te ontwikkelen. Iets wat veel Nederlandse ‘bluesbandjes’ nalaten om te doen doet hij voortdurend: werken aan een internationale sound met een eigen identiteit. De feelgood bluesrock van de Ruben Hoeke Band wordt daarom door zowel blues- als rockliefhebbers gewaardeerd. Desalniettemin was het openingsnummer van het Ribs & Blues concert (én van het laatste album) het aloude ‘That’s The Boogie’, een uptempo rockversie van Rob Hoeke’s Rythm & Blues Group. Noem het maar één van de twee odes tijdens dit optreden. Want later in de show werd ook het ingetogen ‘Four Seasons’ gespeeld. Een indrukwekkende bewerking van het poëtische Thé Lau lied: ‘Vier Seizoenen’. Verrassend was ook de The Who cover ‘Won’t Get Fooled Again’ waarin Ruben zijn nieuwe Gibson Les Paul gitaar nog eens op energieke wijze kon uittesten. Want bij een RHB-concert kan je muzikaal gezien rekenen op ‘een mix van old-skool RHB en nieuwe super-catchy ruige rock ‘n roll en rhythm & blues’, zoals hij ons na afloop in een interview nog eens duidelijk maakte. Een interview dat reeds dateert van 4 juni dit jaar. Maar omdat in september de ‘RH 25 Tour’ pas echt van start gaat hebben we gemeend om het ook in deze maand pas te plaatsen. Want een aimabel mens en gepassioneerd gitarist als Ruben Hoeke verdient het om flink in de schijnwerpers te staan.

- Hallo Ruben, 25 jaar in de muziek business, gefeliciteerd! Wat was het hoogtepunt en wat het dieptepunt in die 25 jaar?
Dat ik al die tijd mijn eigen muziek kon maken met heel veel goede muzikanten zie ik eigenlijk als één hoogtepunt. Het geeft een gevoel van vrijheid. Een dieptepunt is als ik niet optimaal presteer, elke keer als ik onder m’n niveau speel baal ik daarvan. Vandaag ging dat prima maar ik was wel ontzettend nerveus vooraf. Vraag me niet hoe dat komt want ik heb geen idee. Het was ook al ons derde optreden hier. Maar, het is ook wel weer een goed teken want als je niet zenuwachtig meer bent wordt het routine, en dat is killing voor een muzikant.

- Vanaf september volgt de RH 25 Tour! Kunnen we iets speciaals verwachten?
Ik zie elk optreden wel als een speciale gelegenheid en ben blij dat ik dit nog steeds kan doen. Met vrienden op pad en lekker spelen, ik hoop dat nog wel 25 jaar te kunnen doen. We gaan niet afwijken van wat we normaal doen hoor. Gewoon ons eigen repertoire spelen zonder concessies te doen voor de commercie. Een mix van old-skool Hoeke Band en nieuwe super-catchy ruige rock ‘n roll en rhythm & blues. Met tussendoor wel wat covers zoals vandaag o.a. The Who’s ‘Won’t Get Fooled Again’. Met een eigen interpretatie want ik onthoud nooit goed hoe zo’n origineel nou precies gespeeld werd. Ook Pete Townshend’s molenwiek heb ik achterwegen gelaten want ik ben geen copycat. Begrijp me goed, ik heb waardering voor tribute bands, maar dát zijn wij zeker niet.

- Toch is je nieuw te verschijnen album - dat je samen met je broer Eric (drummer) opnam - ook een soort tribute. In de geest is van je vader, de legendarische pianist Rob Hoeke. Vertel daar eens iets meer over?
Ja, maar daar gaat ook wel een verhaal aan vooraf hoor. Onze vader Rob, die in 1999 is overleden, had thuis een Technics piano staan met een Midi-recorder. Daar speelde hij vaak op en veel materiaal nam hij op floppydisks op. Destijds zei hij weleens dat ik daar later misschien wel iets mee kon gaan doen. Als jonge muzikant had ik wel andere dingen aan mijn hoofd, maar begin dit jaar zijn Eric en ik die floppy’s toch weer eens gaan beluisteren in de studio. En toen ontstond het idee om samen 16 van die tracks te gaan inspelen. Het inkleuren van een muzikale erfenis als het ware. Eric speelt daarbij op het Gretsch drumstel dat door mijn oom Paul Hoeke werd gebruikt op de eerste Rob Hoeke lp ‘Boogie Hoogie’ uit 1964. Pas tijdens de eind mix bedachten we om ook Rob’s piano-opnames door zijn originele piano te halen! Waardoor het geheel pas écht ging leven. Toen ineens was daar ‘the feel’ en vloeide het geluid op natuurlijke wijze in elkaar. Waarmee bij ons weer het besef kwam dat hij dáárom ook de beste in zijn soort was geweest met boogie-woogie en rhythm & blues muziek. Want muziek is en blijft in eerste instantie toch een gevoel dat maximaal moet zijn. Het ‘Hoeke - Legacy’ album wordt echt een geweldige plaat.

- Het is niet je vader geweest maar een voetbalvriendje die je ertoe heeft aangezet om gitaar te gaan spelen. Zag papa Rob geen brood in de muziekindustrie voor zijn kids?
Nou, hij had er wel zijn bedenkingen bij. Maar hij kwam ook uit een tijd - de jaren ‘60 en ‘70 - dat veel muzikanten belazerd werden met een hoop gedoe van dien. Hij heeft het niet gestimuleerd maar ook zéker niet tegengehouden. Dat zal ik bij mijn eigen kinderen ook nooit doen. Ik groeide op in Krommenie en wist niet beter dat mijn vader altijd muziek aan het spelen was, het was gewoon zijn werk. En wij voetbalden buiten op straat met leeftijdgenootjes. Toen een van die jongetjes als tiener gitaar ging spelen raakte ik ook onder de indruk van dat instrument, zo is het eigenlijk ontstaan. Mijn eerste openbare optreden was in december 1992 in de ‘Drieluik’ te Zaandam. Zwarte gitaar, wit overhemd, spijkerbroek, gympies, bloednerveus en een beetje verlegen. Maar ook in de wetenschap dat ik DIT de rest van mijn leven zou gaan doen.

- Je zing niet en schrijft zelf geen lyrics. Maar je schrijft wel columns en je bent ook journalist geweest. Tekent dat ook je interesse in de mede(mens)muzikant?
Ik heb wel songteksten geschreven hoor, maar onze zanger Lucas Pruim is daar veel beter in dus gebruiken we zijn lyrics. Hij heeft ook ‘Vier Seizoenen’ van Thé Lau vertaald in ‘Four Seasons’. Daarbij vind ik Lucas echt een belachelijk goede zanger. Als kind werd ik gegrepen door de zang en de gitaarmelodie van de Guns N’ Roses klassieker ‘Sweet Child O’ Mine’. Als je dan jaren later gitarist Slash van die band mag interviewen voor het blad ‘Music Maker’ is dat beroepsmatig maar ook zéker uit interesse, ter eigen eer en glorie. Ik heb ook nog een jaar of vier met Gerben Deves het radioprogramma ‘Live & Puur’ gepresenteerd voor Zaanradio. Waarvoor we o.a. B.B. King, Johnny Winter en Buddy Guy mochten interviewen. Ja, het interesseert met mateloos wat deze muzikanten drijft.

- Ben je een sociaal mens?
Ja, ik ben een sociaal mens bij het belachelijke af. Zodanig dat mijn vrouw weleens zegt: hou die gozer nou eens uit de buurt. Dat wil zeggen ik ben graag betrokken bij anderen maar ga niet graag naar verjaardagen. Iedereen krijgt bij mij ook vaak een tweede of derde kans - ik ken geen rancune.

- In juni 2014 heb je na 15 jaar de samenwerking met zanger/bluesharpist Frank van Pardo beëindigd om met jeugdvriend Machiel Boon (zanger/gitarist) in zee te gaan. In de huidige bezetting van je band is Lucas Pruim de zanger, Paul Brandsen bassist en broer Eric dus de drummer. Is het anno 2017 de omslag geworden die je verwacht had? [inmiddels is de bassist van de RHB: Mike Kamp - red.]
Met Frank heb ik vorige week nog in een ander bandje samengespeeld, we zijn goede vrienden gebleven hoor. Het is ook niet zo dat ik - wat sommige weleens denken - van de blues sound af wilde. Want die blues zit nou eenmaal in mijn DNA. Je hebt natuurlijk gauw een stempel en wekt verwachtingen als ‘de zoon van’. Maar Dweezil Zappa zal ook nooit Frank Zappa worden. Jij noemt het een omslag maar het heeft allemaal met het rijpingsproces en met smaak te maken. Met mijn eerste bandje Blues on the Road poogde we al blues te spelen maar erna met Roberto Jacketti & the Scooters en Skelter speelde ik ska-muziek, met Stonefreak betonrock en met Thé Lau Nederlandstalige pop en rock… ik bedoel maar.

- Sonic Revolver, het vierde RHB studioalbum is alweer bijna een jaar uit. Ben je terugkijkend tevreden met het resultaat ervan?
Nee, ik ben nooit tevreden over wat ik heb gemaakt. Op het moment dat er een plaat uitkomt denk ik vaak al: “het had zóveel beter gekund, haha tja". Het zou toch ook een slechte zaak zijn als je altijd maar tevreden bent? Kijk, het is ook niet zo dat we live dan ineens hele arrangementen van songs gaan omgooien of zo, maar nuanceverschillen worden gaandeweg wel aangebracht. Op de een of de andere manier ben ik toch altijd bezig mezelf en het bandgeluid te ontwikkelen.

- Zangers en gitaristen zijn vaak ‘het gezicht’ van een band. Ik heb je eens horen zeggen dat je zangers (bijv. Eddie Vedder) zelfs meer inspirerend vind dan gitaristen. Wanneer inspireert een andere artiest jou?
Als ik er kippenvel van krijg! Pearl Jam is inderdaad te gek en de meeste kennen mij als Guns N’ Roses liefhebber. Maar ik ben ook een mega Randy Newman fan, die combinatie van zijn pianospel, stem en satirische teksten; prachtig. En ook Tim Hardin of Errol Garner mag ik graag horen. Laatst hoorde ik een heel mooi lied van Racoon op de radio… het maakt me geen bal uit wie wat speelt. Als het iets met me doet inspireert het me ook. Ik heb een behoorlijke verzameling platen van ragtime tot grunge en van gipsy jazz tot hardrock. Maar momenteel volg ik het allemaal niet meer zo erg. De laatste plaat die ik kocht was volgens mij ‘Eli’ van Jan Akkerman en Kaz Lux.

- In 1999 heeft B.B. King jou 70’s Gibson Les Paul Standard gitaar gesigneerd. Je bezit tientallen gitaren en versterkers. Welk exemplaar is het meest waardevol voor je?
Inderdaad die door B.B. King gesigneerde Gibson Les Paul, ook al heb ik er vandaag niet op gespeeld. Ik heb vorige maand net een nieuwe Gibson uit Duitsland gehaald en wilde die vandaag eens uitproberen. Ik bezit inderdaad een aardig grote collectie gitaren maar ik neem er altijd maar eentje mee naar een optreden. Dat is best een risico ja, maar wat is het leven zónder risico’s? Haha! Ik ben thuis ook altijd bezig met het sleutelen aan mijn gitaren, andere elementjes erin, dingen kapot solderen… vind ik gewoon leuk om te doen. En met Brandin Guitars werk ik ook weer aan een nieuwe RH Signature gitaar.

- In december 2016 deed je mee aan de ‘Tribute to Jan Akkerman’ in de Melkweg te Amsterdam die daarmee zijn 70e verjaardag vierde. Hoe was dat?
Ja, dat Melkweg optreden was mooi maar eenmalig. Erna heb ik ook nog getoerd met Jan en ik vond dat bijzonder eervol. Hij hoeft mij natuurlijk niet uit te nodigen want hij speelt zelf geweldig goed gitaar. Maar we kennen elkaar al langer en respecteren elkaar zeer. Bovendien was het erg leerzaam, regelmatig dacht ik: goh! 70 jaar en nog zó spelen, respect.

- Bestaat het akoestische duo met zanger Jan Blaauw JURA nog? Is dit iets wat je nodig hebt naast de RHB?
Jazeker, Jan is ook met ons meegekomen naar Raalte vandaag, we hadden een plekje over in de bus haha. We spelen nu ruim drie jaar samen als daar gelegenheid voor is. En we hebben samen in 2015 de CD ‘River Songs’ opgenomen en uitgebracht. Een nieuwe plaat zit wel in de planning maar we zijn nu beide druk met andere eigen dingen. Jan Blaauw doet een project met toetsenist Willem Zwikker en hij verzorgt het artwork voor mijn platen. En ik ga in december met Jan & Laurie Akkerman, Leif de Leeuw, Brown Hill, Leendert Haaksma en Anton Goudsmid de ‘Knight of the Guitar’ tour doen. Maar de Ruben Hoeke Band blijft mijn ding, ik werk me graag het leplazarus. Ik leef van spelen en workshops geven, en zolang ik ervan kán leven doe ik blijkbaar iets goed.

- Muziek is geen wedstrijd, toch heb je inmiddels al wat prijzen in de wacht gesleept o.a. in 2015 een ‘Dutch Blues Award’. Doet dat je nog iets?
Jawel hoor, er spreekt altijd waardering uit en dat is mooi. Ik heb op initiatief van het Nationaal Pop Instituut ook eens een ‘Duiveltje’ mogen ontvangen als Nederlands beste gitarist, wat toch een toonaangevende en belangrijke muziekprijs is en een onderscheiding door collega-muzikanten. Dat beeldje staat ergens naast een prijs die mijn vader ooit kreeg. Nee, niet op mijn schoorsteenmantel want die heb ik niet.

- Vlak voor het Holland International Blues Festival 2016 in Grolloo had Beth Hart ‘een oogje op je’. Heb je achteraf geen spijt niet op dat aanbod ingegaan te zijn?
Achteraf niet, nee. Op dat moment zag ik een Europese tour met haar wel zitten mag je weten. Ik zou er wat afspraken voor af hebben moeten zeggen, maar dat zou me wel vergeven worden. Ik ben Beth en de band in november wezen bekijken in de Heineken Music Hall en heb ook met ze gerepeteerd in Duitsland. Maar het voelde toch vreemd. Alsof er een paar muren stonden gemetseld tussen haar en de buitenwereld. Daarbij zou het een heel gedoe worden met de verblijfsvergunning als ik met ze mee zou gaan naar Amerika. Dus heb ik uiteindelijk van het hele avontuur afgezien. Tuurlijk had ik de band graag wat extra vuur gegeven in een soort Bonamassa-rol, maar ik ben nu toch blij voor mijn eigen band gekozen te hebben. Leven in een tourbus met mensen die je wellicht gaandeweg wel kunt schieten… ik zou er doodongelukkig van worden met een vrouw en twee opgroeiende kinderen thuis. Zo nu en dan eens in het buitenland spelen is prima maar ik ben eens eerder langere tijd in de VS geweest en vroeg me op een gegeven moment toch af waar ik mee bezig was. Ach, in principe ben ik overal tegen totdat het tegendeel bewezen is, haha.

- (Bijna) 25 jaar achter de rug, over 25 jaar zit je aan de pensioengerechtigde leeftijd. Hoe ziet Ruben Hoeke zijn dagindeling er dan uit?
Dan hoop ik nog steeds in het vak te zitten. Desnoods als ouwe fatsige blues muzikant in een donkerbruin Zaans praatcafé. Ambities over de grens heb ik dus nooit gehad en ik ben allang blij dat ik m’n boterham als muzikant in Nederland kan verdienen. Vanaf september 2017 volgen er in het kader van mijn jubileum-tour nog minimaal 25 optredens door heel Nederland, waarbij we ook een ‘RH 25 Tour’ live-cd willen opnemen. Kom dat horen en zien en ‘let the good times roll!’

Dichtbundel ‘Niets Genoeg’ uitgebracht sept. 2017

Geplaatst op 4 September 2017 om 15:00 uur door Giel

Twitter facebook YouTube E-mail

Op 4 september 2017 is de bundel NIETS GENOEG - Dichtwerk door: Giel van der Hoeven uitgebracht bij Brave new Books. Gedichten & distichons. Zwart op wit. | formaat 17x24 cm paperback 63 pag. | Brave New Books | 2017 | ISBN 9789402167016. € 14,95. Te bestellen bij: www.bol.com

Voordrachten uit NIETS GENOEG waren zaterdag 2 september te horen in Bibliotheek Naaldwijk met www.schrijvers-tussen-de-kassen.nl tijdens het culturele evenement Podium Westland 2017. En zijn te horen op donderdag 14 september 2017 tijdens Café de Mooie Woorden in de 3Winckels te Naaldwijk.

Zwart op wit

Waarom toch die drang,
gedachten te verwoorden?
Gedachten in woorden aan
papier toe te vertrouwen.

Eigenlijk best wrang
dat dichters hun woorden,
dichten in rijmwoorden
die niemand zal onthouden.

Dat geldt beslist voor mij.
Maar door weer ‘n volle bladzij
‘ben ik mijn woorden’, zoals
Bob Dylan het sprekend zei.

© GvdH2017

Podium Westland 2017 / Texel 2017

Geplaatst op 3 September 2017 om 12:16 uur door Giel

Twitter facebook YouTube E-mail

‘t Was een mooie dag met mooie mensen en mooie woorden 👍🏽✍🏼🗣😎 met Schrijvers Tussen de Kassen — bij Bibliotheek Naaldwijk, Podium Westland 02-09-2017.

Rolling Stones pre-meeting w/ Jan Veeken @ sunny Texel 31-08-17 🌞
‘And the rain fell down. On the cold hard ground’. 😜

Puike bluesrock op 40-jarig Waterpop

Geplaatst op 15 August 2017 om 18:52 uur door Giel

Twitter facebook YouTube E-mail

gezien & gehoord in: Hofpark Wateringen
evenement: Waterpop (40e editie)
met: o.a. The Boogie Beasts (BE), Band Of Friends (IR/NL), DeWolff (NL), The Grand East (NL) en Admiral Freebee (BE)
datum: vrijdag 11 en zaterdag 12 augustus 2017
verslag door: Giel van der Hoeven
foto’s door: Johan Sonneveld - The Blues Alone?

Het Waterpop festival bestaat 40 jaar en dat moest gevierd worden. Evenals vijf jaar geleden gebeurde dat met een extra festivalavond. Met dus extra optredens door vier bands, voornamelijk gericht op de oudere jongeren. Dat laatste zal niet helemaal bewust geweest zijn want Waterpop noemt zich: ‘hét gezelligste festival voor jong en oud. Met veel variatie in muziekstijlen van heavy metal tot rock & roll, van funk en jazz tot rock en pop naar blues.’ Logischerwijs trekt dat dan ook bezoekers van diverse pluimage. Temeer omdat Waterpop gratis toegankelijk is, moet je er soms (rock &) rollende kinderwagens en schuifelende bejaarden ontwijken. Of kan je er struikelen over spelende kleuters (tegenwoordig met grote felgekleurde gehoorbeschermers op hun kleine koppies). Maar dat mag de pret niet drukken. Sterker nog, dit werkt in het Hofpark alleen maar pretverhogend en is juist sfeerbepalend. Vaak uit zich dat in spontane reünies van ‘ouwe’ muziekvrienden en vriendinnen. En vrolijke jongeren die ontspannen samenkomen om te genieten. Want Waterpop is na vier decennia een soort cultureel erfgoed geworden voor Westland en Haaglanden. Een goed georganiseerd familiefestival dat als traditie niet meer is weg te denken uit Wateringen en wijde omgeving. Ondanks die variatie heeft TBA? ervoor gekozen om slechts een vijftal bluesrock bands uit die brede programmering te lichten voor een sfeerverslag. Met daarbij een apart fotoverslag van de overige bands; 40 hoeraatjes geschoten in live plaatjes.

België is al een poosje de bakermat van de betere Europese blues, boogie en beats. In het politiek verscheurde land vinden op muzikaal gebied wél kruisbestuivingen plaats die consistent zijn. Boogie Beasts bestaat uit Vlaamse en Waalse muzikanten die er gebroederlijk lekker op los scheuren met een win-win combinatie van vette garagepunk en blues boogie. In een optreden dat klinkt, en er ook nog eens plezant uitziet. Want Mathias Dalle (zang, gitaar), Jan Jaspers (zang, gitaar), Fabian Bennardo (harmonica) en Gert Servaes (drums) weten het Waterpop-volk prima te amuseren met voornamelijk eigen songs van hun album ‘Come And Get Me’ (2015). Al direct vanaf de opener, het up-tempo ‘On My Own Again’, kregen we te maken met vette grooves en boogie-shuffles. De meer melancholische momenten van de CD - met het verlangen naar moeder de vrouw thuis (’Coming Home To You’) - zijn live minder aanwezig. Want live wordt er gefeest, zeker op zo’n dag als vandaag. De monotone maar aanstekelijke ritmes (zonder basgitarist) dwingen het publiek gelijk al tot meedeinen.

Het viertal wisselt eigen composities, zoals het dansbare ‘Shake ‘Em’ en ‘Soul Keeps Crying’ (soundtrack van de “Summer of 2016″ aftermovie), af met traditioneel bestaand werk. Bekende covers van Muddy Waters, The Beatles en RL Burnside (’Goin’ down South’). Maar óók verrassende eerbetonen in al even zulke verrassende versies. Zoals Morphine’s ‘Honey White’ en ‘Pusherman’ van Curtis Mayfield dat in een smakelijk soul-boogie jasje recht overeind blijft. Deze boogieband heeft soul! Fabian Bennardo staat swingend en heupwiegend fysiek zijn eigen feestje te vieren, maar ondertussen vermorzelt hij je met zijn Lester Butler-achtige mondharmonica-klanken die je grijpen als de klauwen van het boogiebeest. Een beest dat dus ook wel van feestje houdt, want het slotnummer met een onvervalste discobeat en bijbehorende left-right-walk doet welhaast carnavalesk aan. De Boogie Beasts waren op Waterpop aan het juiste adres want je kan ze er gerust bij hebben op je feestje!

Op het Waterpop terrein staat een groot beeldscherm waarop een overzicht van 40 jaar festivaljolijt wordt vertoond. Als er beelden van het jaar 1995 voorbij komen moet ik terugdenken aan één van mijn muzikale helden: Rory Gallagher. Dat jaar zou de aimabele Ier namelijk persoonlijk ‘ons’ Waterpop festival aandoen! Helaas overleed de bluesrock gitarist in juni 1995. Doodzonde! roepen we nog steeds. Natuurlijk hadden we dit fenomeen al diverse keren live zien optreden in grotere zalen in Den Haag en Rotterdam. Maar Rory hier in het Westland - waar hij een fikse aanhang had én heeft - zou uniek geweest zijn. Rory had Wateringen finaal plat gespeeld, zeker weten! Nu, 22 jaar later was er toch nog een soort van herkansing. Twee van Rory’s voormalige begeleiders Gerry McAvoy (bas) en Ted McKenna (drums) vormen samen met de Amsterdamse gitarist Marcel Scherpenzeel (gitaar, zang) The Band of Friends. Scherpenzeel is zelf ook groot bewonderaar van Rory en speelde voorheen in de Gallagher tribute band Wolfpin.

Inmiddels heeft hij zijn hart helemaal verpand aan BOF om tot in de eeuwigheid de muziek van zijn grote voorbeeld (met een grote G) te vieren. Althans daar lijkt het op. Ondertussen blijft het trio zich nog steeds ontwikkelen en schromen ze niet om ook eigen composities zoals de concertopener ‘The Man I Am’ live te spelen. Toch wordt het deze vrijdagavond pas écht gezellig in het inmiddels volgelopen Hofpark als het trio in de RG-modus gaat. Met o.a. de Rory-klassiekers ‘Moonchild’, ‘Last Of The Independents’, ‘Philby’, ‘A Million Miles Away’ en ‘Shadow Play’, en meesterstukken die de Meester ooit van zíjn voorbeelden leende ‘I Wonder Who’ (Muddy Waters cover) en ‘Bullfrog Blues’ (William Harris cover) kon de Waterpop-party écht goed van start gaan. Een bluesrock legende en heel veel mooie muzikale herinneringen kwamen hiermee tot leven.

Het eerste dat Luka van der Poel van DeWolff doet als hij het backstage terras opkomt is een welgemeende felicitatie uitdelen voor het 40-jarige Waterpop jubileum. ‘Hmm, netjes opgevoed deze knul’, denk ik. Nee, hij was 40 jaar geleden zéker nog niet geboren, pareert hij mijn opmerking. Maar, zijn vader had er qua leeftijd en als muziekliefhebber toen al wel bij kunnen zijn. Op zijn wedervraag geef ik trots toe dat ik er inderdaad vanaf het begin als bezoeker bij bent geweest. ‘Maar ik heb ook een aantal edities gemist hoor’, geef ik ruiterlijk toe. En ach, dat maakt verder niets uit want Waterpop is na vier decennia een soort cultureel erfgoed geworden voor Westland en Haaglanden. Een goed georganiseerd familiefestival dat als traditie niet meer is weg te denken uit Wateringen en wijde omgeving. En met tradities kan je bij de jongens van DeWolff wel aankomen. Met hun psychedelische bluesrock put dit trio zelf ook alweer bijna tien jaar succesvol uit bronnen die in de jaren zestig en zeventig door voorgangers zoals o.a. The Jimi Hendrix Experience, Cream en Deep Purple werden geslagen.

En dat doen ze goed, keigoed! Kiezelhard en retestrak worden psychedelische klanken gecombineerd met Southernrock licks, badass bluessolo’s en heerlijk Hammond-gejank. De composities op zich zijn niet altijd even spannend maar de manier waarop gitarist Pablo en drummer Luka van der Poel en orgelvreter Robin Piso tekeer gaan op hun instrumenten is indrukwekkend. Toch ook hier weer géén bassist (wat is dat toch met die jongere generatie?). Mede dankzij een - soms letterlijk - oogverblindende lichtshow is het ook bijzonder aangenaam om naar te kijken. Ook nu weer zie ik om mij heen veel kalende 40- en 50-plussers. Begrijpelijk, want dit is gewoon dé muziek uit onze jeugd. Maar gelukkig staan er vlak voor de bühne ook nog flink wat jongeren uit hun plaat te gaan. Hopelijk beleven ze er net zoveel plezier aan als dat wij destijds deden met Deep Purple of Rory Gallagher. Want deze kwaliteitsmuziek is gewoon tijdloos en mooi.

Slechts één uur nachtrust hadden de mannen van The Grand East het etmaal voor hun Waterpop-optreden gehad. Met de avond ervoor een optreden in België gevolgd door een rusteloos nachtje snelweg inclusief autopech en toen op zaterdagmiddag direct door naar een gig op het Huntenpop festival in Ulft. Om dus klokslag 19:00 uur weer present te zijn op het Waterpop podium. Welkom in het Westland. Het leven van selfmade muzikanten gaat niet altijd over rozen. De gezichten stonden aanvankelijk wat minder opgetogen misschien, de gretigheid van het vijftal uit Twente was er niet minder om. Dit ondanks ook al een lange ‘Movano Camerata’ clubtour en tientallen zomerfestival optredens achter de rug. En nog een afsluitende ‘Unleash The Beast’ tour in het restant van 2017 in het verschiet. Maar juist dít is wat de vrienden altijd gewild hebben en dát maakt hen zo onvermoeibaar en vermakelijk om naar te kijken en te luisteren.

Dus gingen het wildebeest Arthur Akkermans (zang, harmonica) en zijn maten Imanishi Kleinmeulman (drums), Teun Eijsink (bas), Joris van den Berg (Hammond, trompet) en Niek Cival (gitaar) ouderwets van kiet met hun opzwepende rock ‘n soul repertoire. ‘Frogs’, ‘Rain Is Coming’, ‘Rabbits & Children’, ‘Pull The Trigger’… ze knalde er gelijk al hard in en het publiek vond het heerlijk. Frisse no-nonsens muziek met een retro-sausje. Ook deze jongens hebben op hun zolderkamers goed geluisterd naar hun (vaders) voorbeelden The Doors, Hendrix, Allman Bros, Black Crows, Tom Waits, Focus… whatever. Vervolgens nagespeeld in de oefenkelder als beginnende band Texas Radio (“ohw, benne hullie dat?!”) om zich vervolgens te ontwikkelen tot één van Neerlands beste livebands. De samenwerking met DeWolff lag dan ook voor de hand en werpt nu ook live z’n vruchten af. The Grand East zit sinds het verschijnen van hun uitstekende debuutalbum ‘Movano Cameratain’ (2016) in ‘n zwoare flow en de band lijkt alweer te hunkeren naar een volgende stap vooruit. Hopelijk blijven deze vrienden elkaars vrienden en blijven ze doen wat ze graag doen. Want dan gaan we nog veel meer plezier van hen beleven.

“Admiraal wie-bie?” Nee, de naam en voorgeschiedenis van één van de toppers op deze Waterpop jubileumeditie was nog niet tot alle bezoekers doorgedrongen. Gek eigenlijk dat Admiral Freebee in Nederland niet die status heeft als in zijn geboorteland België. Want qua songwriting en performance doet Tom van Laere (zang, gitaar, piano, harmonica) - alter ego en voorman van Admiral Freebee - niet veel onder voor zijn inspirators Bob Dylan, Neil Young en Tom Waits. Songs als ‘Blues From A Hypochondriac (Always Hoping For The Worst)’, ‘Always On The Run’, ‘Einstein Brain’, ‘Rags ‘n’ Run’, ‘Coming of the Knight’ (op plaat een duet met Emmylou Harris) en ‘Do What You Gotta Do’ (“mijn levenslied”) zijn zonder uitzondering juweeltjes. Jazeker, hij stond in 2006 al op Pinkpop en deed sindsdien ook regelmatig ons land aan voor festival- en cluboptredens. Zowel met bands als solo, waarvan ons zijn bizarre soloshow in Het Paard den Haag in maart 2012 nog helder voor de geest staat. Maar blijkbaar tel je hier als serieus liedjesschrijver en artiest pas mee als je uit het (allang niet meer!) beloofde land VS komt. Waarschijnlijk heeft de admiraal aan die onderwaardering ook zelf bijgedragen door zichzelf bij tijd en wijle niet ál te serieus te nemen. Immers: ‘everything is temporary’.

Zijn zorgvuldig gesmede songs met vaak door Jack Kerouac geïnspireerde teksten worden frivool als hete hoefijzers vanaf het podium het publiek ingesmeten. Ze raken je of ze raken je niet en alleen de scherpzinnige luisteraars weten ze te vangen zonder hun vingers eraan te branden. Maar, zo werd ook hier op Waterpop weer eens duidelijk, de band Admiral Freebee is in deze zevenkoppige formatie inclusief twee koperblazers (sax en trompet), gewoon een perfecte festival-act. Zelfs voor de ‘kleingelovigen’ zoals Van Laere de toehoorders cynisch noemde, want “it’s still folkmusic”. Het gezelschap geeft sjeu aan de genres roots-rock en Americana en de spelvreugde droop van het podium af. Dat sloeg over op het publiek; wel of niet bekend met het repertoire. Maar wat wil je ook met muzikanten als Jasper Hautekiet (bas, zang), Maarten Moesen (drums), Tim Coenen (gitaar, zang) en Senne Guns (toetsen, zang) in de gelederen. Stuk voor stuk klasbakken die onder leiding van opperbevelhebber Freebee de vloot gezamenlijke op koers hielden, met ruimte om daarbinnen hun eigen routes te kiezen. Songs als ‘Nothing Else To Do’, ‘Let It Shine’ en ‘Bad Year For Rock ‘n’ Roll’ werden enthousiast door het Wateringse publiek in ontvangst genomen. Liedjes die zo pakkend zijn, daarvan raakte op deze avond zelfs de meest verstokte (en beschonken) hypochonder van in een festival-mood. Wat ons betreft de slagroom op de Waterpop Forty-taart. Jammer dat ook deze traktatie maar een uurtje mocht duren. Lang zal Waterpop leven in de gloria.

Alle Waterpop 2017 foto’s zijn hier te zien!

The Admiral & Me (y)